Er zijn geen schattingen beschikbaar van het huidige aantal werknemers in de EU dat wordt blootgesteld aan glycidylmethacrylaat (2,3-epoxypropylmethacrylaat).
Blootstelling aan glycidylmethacrylaat op het werk vindt voornamelijk plaats via inademing, huidcontact en orale blootstelling (hand-naar-mond).
Glycidylmethacrylaat heeft een geharmoniseerde indeling (Classificatie, labeling en verpakking (CLP)) als carcinogeen van categorie 1B (vermoedelijk carcinogeen voor de mens).
Waar komen risico’s voor?
Glycidylmethacrylaat wordt voornamelijk gebruikt voor de productie van andere organische basischemicaliën, kunststoffen, harsen en synthetisch rubber. Deze materialen worden toegepast bij de vervaardiging van verpakkingen, coatings en verven, lakken, lijmen, tandheelkundige producten en hulpmiddelen, botreparatiematerialen en contactlenzen. Er worden nieuwe toepassingen ontwikkeld op het gebied van medische beeldvorming en medicijnafgifte.
Werknemers in de polymeerproductie lopen het grootste risico op blootstelling aan glycidylmethacrylaat. Er kan sprake zijn van hoge blootstelling tijdens werkzaamheden zoals bemonstering, onderhoud, het vullen van containers, filtreren, testen en het verwijderen van afval.
Beroepen die verband houden met tandheelkundige dienstverlening, zoals tandartsen, tandartsassistenten, mondhygiënisten en laboratoriumtechnici, kunnen worden blootgesteld aan glycidylmethacrylaat. Werknemers die betrokken zijn bij de productie van medische en tandheelkundige instrumenten kunnen eveneens worden blootgesteld.
Meer over de stof
Glycidylmethacrylaat is een kleurloze vloeistof die door de mens wordt vervaardigd. Het wordt voornamelijk gebruikt voor de productie van kunststoffen (polymeren) en acrylharsen. Deze materialen worden toegepast in tandheelkundige producten, materialen voor botherstel, coatings en contactlenzen. Ze kunnen ook worden gebruikt in materialen die in contact komen met levensmiddelen, zoals verpakkingen. Er worden nieuwe toepassingen van deze polymeren ontwikkeld voor medische beeldvorming en voor gerichte toediening van geneesmiddelen.
Momenteel wordt er gewerkt aan een EU-brede bindende grenswaarde voor beroepsmatige blootstelling.
Gezondheidsrisico’s die kunnen optreden
Blootstelling aan glycidylmethacrylaat vindt plaats via inademing, via de huid en via de mond (contact tussen handen en mond).
Er is beperkt bewijs over de vraag of glycidylmethacrylaat bij mensen kanker veroorzaakt. Uit dierstudies blijkt dat langdurige blootstelling aan deze stof kanker en nadelige effecten op de voortplanting en vruchtbaarheid kan veroorzaken. Er zijn gevallen van huidsensibilisatie bij mensen beschreven.
Wat u kunt doen
De beste manier om het risico van blootstelling aan glycidylmethacrylaat te verminderen, is door het te vervangen door een veiliger stof of door het proces aan te passen. Als dit niet mogelijk is, moeten er maatregelen worden genomen om de blootstelling te verminderen.
Glycidylmethacrylaat wordt doorgaans vervaardigd in een gesloten systeem onder streng gecontroleerde omstandigheden, waarbij er geen direct contact met werknemers plaatsvindt; dit beperkt ook de uitstoot in de lucht en houdt de blootstelling laag.
Houd de werkplek schoon en berg materialen veilig op. Controleer regelmatig de blootstellingsniveaus om er zeker van te zijn dat de veiligheidsmaatregelen werken. Beperk de tijd die werknemers in risicovolle zones doorbrengen en beperk de toegang daartoe.
Geef werknemers voorlichting over de risico’s en hoe ze veilig met glycidylmethacrylaat kunnen werken. Ze moeten eventuele vroege gezondheidsproblemen melden. Zorg voor goede wasfaciliteiten en voldoende tijd voor persoonlijke hygiëne.
Werknemers die in nauw contact komen met 2,3-epoxypropylmethacrylaat (glycidylmethacrylaat), bijvoorbeeld bij de bereiding van composietmaterialen voor tandheelkundige en bottoepassingen, dienen geschikte beschermingsmiddelen (zoals handschoenen en beschermende kleding) te gebruiken om opname via de huid te voorkomen. Persoonlijke beschermingsmiddelen mogen alleen als laatste redmiddel worden gebruikt en mogen slechts tijdelijk worden overwogen, nadat alle mogelijke technische en organisatorische oplossingen zijn uitgeput.
Bronnen: ECHA, RAC